De agenten zagen dat er iets niet klopte

Zeven jaar geleden kroop Pieter de Vliet (46)* door het oog van de naald. Hij kreeg een hypo terwijl hij aan het autorijden was. Pas in het ziekenhuis in Sneek kwam hij weer bij.

“Het was een hete, drukkende vrijdag. Ik rondde nog snel wat laatste klusjes af voordat ik mijn computer uitzette. Opgelucht keek ik op mijn horloge: 15:30 uur.

Lekker zeilen

Het was hectisch geweest op de ICT-afdeling van het ziekenhuis waar ik werk. Dat kwam slecht uit, want ik wilde eerder weg. Met een vriend had ik afgesproken om die namiddag en avond in Friesland met een skûtsje te gaan zeilen. Ik wilde voor de files rijden, zodat ik er bijtijds zou zijn.

Blij dat ik daar toch redelijk in was geslaagd, stapte ik op de parkeerplaats van het ziekenhuis in Tiel in de auto. De lunch was er wegens tijdgebrek bij ingeschoten, maar ik had ter compensatie niet gebolust. Ik voelde de werkstress langzaam van me afglijden en was opgetogen. Leuk, zeilen!

Het was nog steeds warm, zo’n 25 graden Celsius. Mijn auto had geen airco, dus ik zat een beetje te smoren. Maar ik voelde me niet uitgeput of raar. Achteraf herinnerde ik me nog dat ik over de A6 langs de afslag Lelystad reed. De windmolens, de elektriciteitscentrale. En daarna niets meer.

Buiten bewustzijn

Pas op een carpoolplaats bij Sint Nicolaasga kwam ik een beetje bij. Er stond politie naast mijn auto: ‘Meneer, meneer, gaat het wel?’ Later hoorde ik dat andere mensen op de carpoolplaats de politie hebben gealarmeerd: ‘Er gaat hier iets niet goed met een man in een auto.’

De politie trof mij buiten bewustzijn achter het stuur van mijn geparkeerde auto aan. Ik kwam enigszins bij, maar ik bleef in een soort schemertoestand. De agenten zagen dat er iets niet klopte en hebben mij in hun politieauto gezet. Van het ritje naar het ziekenhuis in Sneek weet ik niets meer.

Het werd pas weer helder nadat een verpleegster glucagon had ingespoten. Ik wist intuïtief dat er iets niet goed was gegaan, maar ik had geen idee wat er precies was gebeurd. Was er een groot ongeluk geweest? Had ik iets of iemand geraakt? Uit het verhaal van de politie bleek dat ik de auto min of meer op de automatische piloot op een carpoolplaats moet hebben gezet. Daar ben ik knock-out gegaan totdat de politie arriveerde.

Druivensuiker in de auto

De schrik zat er goed in, maar dankzij de glucagon voelde ik me al snel weer de oude. Nadat de politiemensen bij het ziekenhuispersoneel hadden gecheckt of ik weer veilig kon rijden, hebben zij me bij m’n auto afgezet. De vriend met wie ik had afgesproken heb ik een app gestuurd: ‘Ik heb een hypo gehad en ga naar huis.’ Na nog een extra meting ben ik in de auto gestapt en gaan rijden.

Ik was weer honderd procent up and running, maar voor de zekerheid heb ik onderweg nog een stop gemaakt bij de McDonald’s. Nog een keertje meten, hamburger erin. Later ben ik alsnog in mijn eigen boot gaan zeilen en daarna heb ik niet zo lang meer bij de gebeurtenissen stilgestaan. Het was heftig, maar ik wist dat het een combinatie was geweest van stress, warm weer en een overgeslagen lunch. Het verschil is dat ik er tegenwoordig altijd voor zorg dat ik druivensuiker in de auto heb. Je weet maar nooit wanneer dat van pas kan komen.”

Dit verhaal komt uit Diabc 2, 2019, over hypo's. Hoe voorkom je hypo's in het verkeer en waar moet je allemaal rekening mee houden? Lees onze tips.

Tekst: Fleur Baxmeier
*Pieter de Vliet is een pseudoniem; de geinterviewde wil onherkenbaar blijven.