Diabetesvereniging Nederland

Sla het menu over
  • Contact
  • Informatie voor
  • Over DVN
  • Inloggen
help mee

Het belang van een sensor bij diabetes

Bij diabetes type 1 is meten van je glucosewaarden pure noodzaak. Zodat je kunt bijsturen. En weet waarop en hoe je lichaam reageert zodat je hier op kunt anticiperen. Bij diabetes type 2 volstaat vaak een periodieke meting. Steeds meer mensen met zowel diabetes type 1 als diabetes type 2 (maar ook bijvoorbeeld zwangerschapsdiabetes) gebruiken voor het meten een sensor. Meer over sensors en de verschillende typen lees je hieronder.

Hoe werkt CGM?

Meestal bestaat Continue Glucose Monitoring (CGM) uit een sensor, een zender en een ontvanger. De sensor meet je glucose in het onderhuidse weefselvocht. De zender stuurt deze metingen door naar de ontvanger. Die ontvanger is bijvoorbeeld een insulinepomp, een reader of een telefoon. Daarop zie je je actuele waarde, trendpijlen en een grafiek. Ook kun je alarmen instellen.

Hoe werkt FGM?

Bij Flash Glucose Monitoring (FGM) zoals met bijvoorbeeld de FreeStyle Libre (FSL) gebruik je ook een sensor, maar geen zender. Je glucosewaarde zie je door te 'Flashen'. Flashen doe je met een reader of met een app op je mobiele telefoon en het betekent dat je deze langs de sensor beweegt. De FreeStyle Libre slaat de waarden van 8 uur op die je kunt terugzien in een grafiek. De FSL is nu nog goedkoper dan andere sensoren.

Wat is het voordeel van het meten via een sensor?

Hoe vaak je ook meet met je ‘gewone’ bloedglucosemeter, je mist altijd bepaalde info. Want als je een mooie waarde meet, ben je dan niet net op weg naar een hypo? Of ben je juist aan het stijgen? Met een CGM of geregeld flashen met de FGM krijg je die informatie wel. Daarnaast betekent het dat je minder of geen vingerprik meting hoeft te doen. En ouders van kinderen met diabetes kunnen op afstand de glucosewaarden van hun kind volgen. 

Welke systemen zijn er op de markt?

Je hebt in Nederland verschillende opties om uit te kiezen. Alle sensoren hebben hun eigen voor- en nadelen. Lees meer over de sensoren die op de markt zijn.

Meten ter controle blijft verstandig
als je een waarde niet vertrouwt

6 tips bij continue glucosemeting

  1. Houd er rekening mee dat de waarde die je sensor meet, vaak afwijkt van de waarde die je bloedglucosemeter meet. De sensor loopt gemiddeld 5 à 10 minuten achter. Dit komt doordat een sensor niet in het bloed meet, maar in het onderhuidse weefselvocht.
  2. Bijna alle systemen moet je kalibreren. Dat betekent dat je een vingerprik doet en de gemeten waarde invoert in het systeem. Dat is een check of de waarde niet teveel afwijkt. De continue glucosemeter berekent de waarden vervolgens nauwkeuriger. Bij flash glucosemeter is geen kalibratie nodig, bij vrijwel alle andere CGM's wel.
  3. Meten ter controle blijft verstandig als je een waarde niet vertrouwt.
  4. In sommige ziekenhuizen kun je een CGM voor een tijdje lenen. Informeer ernaar bij je behandelaar.
  5. Werkgevers zijn soms bereid (een deel van) de kosten op zich te nemen met het oog op duurzame inzetbaarheid. Vraag het je werkgever of kijk voor meer info bij informatie voor werkgevers
  6. Last van een gevoelige huid? Kijk dan voor tips eens op DiabetesTrefpunt

Worden sensoren vergoed?

Bloedglucosemeters zitten in de basisverzekering voor iedereen die insuline gebruikt. Sensoren worden vanuit de basisverzekering vergoed aan specifieke groepen of onder specifieke voorwaarden:

Vergoeding CGM

In Nederland bepalen behandelaars wie een CGM mag gebruiken. Ieder ziekenhuis kan een beperkt aantal sensoren per jaar verstrekken aan hun patiënten. Om te bepalen wie in aanmerking komt, zijn criteria opgesteld. Een wens om zwanger te worden is bijvoorbeeld zo’n criterium, of hypo-ongevoeligheid. Denk jij dat je er baat bij hebt om sensoren te gebruiken? Overleg het met je behandelaar. Lees in ons stappenplan hoe het werkt.

Vergoeding FGM

De FGM wordt per 10 december 2019 vergoed vanuit de basisverzekering voor mensen die een intensief insulineschema volgen, waarbij ze minstens 4 keer per dag insuline (1 keer basaal en minimaal 3 keer snelwerkende insuline) spuiten of een insulinepomp hebben. Zij moeten voor hun zelfmanagement minimaal 4 keer per dag in hun vinger prikken om hun bloedglucosewaarde te bepalen. Een FGM kan deze vingerprik overnemen. Overleg met je arts of je baat kunt hebben bij een FGM. In ons dossier lees je hier alles over.

Word lid

Word lid

Blijf op de hoogte van het laatste diabetesnieuws. En ontvang praktische tips en hulp over jouw leven met diabetes.

Aanmelden

Praat met anderen over diabeteswant diabetes heb je niet alleen