16 maart 2018 | Type 2 | Onderzoek | Behandeling

'Help waar is de huisarts?'

Deze vraag stelden wij op het Nationale Diabetes Dag event naar aanleiding van de uitkomsten van onze peiling over de zorg van diabetes type 2 in de huisartsenpraktijk. Een opvallende uitkomst: 43% van de respondenten met diabetes type 2 gaf aan de huisarts niet ten minste 1 keer per jaar te spreken over zijn of haar diabetes. Terwijl de NHG-standaard dit wel voorschrijft.

 

De vragenlijst is in januari 2018 door 955 personen ingevuld, waarvan 62% lid van Diabetesvereniging Nederland (DVN) en 32% van het patiëntenpanel van Patiëntenfederatie Nederland. De meesten (89%) bezochten het afgelopen jaar de huisartsenpraktijk voor controle van hun diabetes type 2, 1% wist niet voor welk type diabetes. 10% gaf aan het afgelopen jaar helemaal niet de praktijk te hebben bezocht. Deze laatste groep is niet verder bevraagd. Onderstaande resultaten zijn gebaseerd op de 863 deelnemers die de hele vragenlijst hebben ingevuld.

Zorgverleners

Op de vraag welke zorgverleners het afgelopen jaar zijn bezocht voor controle en behandeling blijkt dat de praktijkondersteuner het meest in beeld is: 66% bezocht deze. Zij zijn het vaakst de contactpersoon waar mensen terechtkunnen met vragen over diabeteszorg en hun gezondheid. Van het overige aantal deelnemers ging 44% naar de huisarts en bezocht 31% een gespecialiseerd verpleegkundige. De top 5 werd afgesloten met de podotherapeut (19%) en de diëtist (17%).

De meeste mensen vinden het erg belangrijk om zelf de keuze te kunnen maken voor een zorgverlener (74%) en actief te worden betrokken bij hun behandeling en zorg (88%). 63% van de respondenten gaf aan de kans te krijgen om mee te beslissen over de behandeling. 27% gaf aan enigszins de kans te krijgen om mee te beslissen en 5% niet.

De belangrijkste verbeterpunten voor de zorg: meer persoonlijke aandacht, meer aandacht voor de eigen ideeën, meer aandacht voor de verschillende behandelopties en meer mogelijkheden om via internet contact te hebben. Bijna de helft gaf aan online geen mogelijkheden te hebben, denk aan afspraken bekijken en medische gegevens inzien en aanvullen (zoals bloedglucosewaarden).

Huisarts

57% van de deelnemers gaf aan voor zijn/haar diabetesbehandeling ten minste 1 keer per jaar de huisarts te spreken, zoals de NHG-standaard voor de behandeling van diabetes type 2 voorschrijft. Echter 43% sprak de huisarts niet minstens 1 keer per jaar. 32% zou wel graag een afspraak willen, 50% vond het zelf niet nodig. Hiervoor werd als belangrijkste reden gegeven dat het bezoek aan de praktijkondersteuner als voldoende wordt ervaren (53%). Bijna 1 op de 5 kreeg geen informatie over hoe in de huisartsenpraktijk de diabeteszorg is georganiseerd. Van alle respondenten gaf 32% aan deze informatie wel te willen ontvangen.

Diëtist

Op de vraag of mensen contact hadden met een diëtist vanwege hun diabetes, gaf de minderheid (39%) aan vaker dan 2 keer contact te hebben met diëtist. 22% had maar 1 keer contact met een diëtist, 17% 2 keer. 22% had nog nooit een diëtist gezien. Hiervan wilde 25% zelf niet de diëtist bezoeken en maar liefst 43% gaf als reden op dat de huisarts of praktijkondersteuner een dieetadvies niet nodig vond of ter sprake had gebracht.

Van de mensen die wel contact hadden met een diëtist, was 70% tevreden over de begeleiding die ze kregen om door andere eetgewoonten hun bloedglucosewaarden positief te beïnvloeden. 8% vond deze begeleiding te weinig en 23% was van mening dat het niet aansloot bij hun behoefte.

Oog- en voetcontroles

De meerderheid (89%) weet wanneer zijn/haar ogen weer gecontroleerd worden. Degenen die niet precies wisten wanneer ze weer voor oogcontrole moeten, weten wel dat het belangrijk is.

Bij 86% is in het voorafgaande jaar de voeten gecontroleerd door een zorgverlener. Bij 14% is dat niet gebeurd. De informatievoorziening voor de verzorging van de voeten moet echt beter: 32% gaf aan geen advies te hebben gekregen over hoe je je voeten moet verzorgen.

Wat vindt de Diabetesvereniging?

Als patiënt met diabetes type 2 moet je weten hoe diabeteszorg is georganiseerd in jouw huisartsenpraktijk. Krijg je die informatie niet, dan weet je niet waar je recht op hebt en bij wie je waarvoor moet zijn. Je weet ook niet of je alle controles krijgt die je nodig hebt en of je die op tijd krijgt. Dit kunnen wij niet accepteren, je huisarts hoort jou die informatie te geven.

Het is belangrijk dat je minstens 1 keer per jaar je huisarts blijft zien. Juist met je arts kun je de aanpak van je diabetes uitvoeriger bespreken en een bij jou passend behandelingsplan opzetten en monitoren. Dat dit niet altijd gebeurt, roept bij ons vragen op over de kwaliteit van zorg. Wie heeft dan de regie, aangezien de huisarts de regisseur is van de keten in de eerste lijn (podotherapeut, diëtist, psycholoog, etc.)? Praktijkondersteuners kunnen veel taken van de arts overnemen, maar hebben zij wel voldoende kennis? Zij zijn toch meer gebonden aan protocollen die niet altijd op jouw situatie van toepassing zijn.

In de praktijk moet de huisarts aandacht besteden aan voeding en bewegen, om te kijken of je jouw diabetesmedicatie kunt verlagen of zelfs kunt stoppen. Hiervoor kan de huisarts de diëtist (en een leefstijlcoach) inschakelen. Ook moet er voldoende aandacht zijn voor voetzorg. Het is erg belangrijk om te weten hoe je je voeten moet controleren en hoe vaak dit nodig is om complicaties te voorkomen. Je huisarts moet je hierover goed informeren. Gebeurt dit niet dan kan het ernstige gevolgen (zoals onnodige amputaties) hebben.

Wat doen wij met de resultaten?

Wij delen de uitkomsten van de enquête met belangenverenigingen van huisartsen, diëtisten en praktijkondersteuners. We organiseren de komende maanden verschillende expertmeetings met zorgverleners en zorgverzekeraars om knelpunten te bespreken en op te lossen.

Lees ook

‘Diabetespatiënt ziet huisarts veel te weinig’ (AD, 17-03-2018)