diabeteszorg

Diabetesvereniging Nederland

Sla het menu over
  • Contact
  • Informatie voor
  • Over DVN
  • Inloggen
help mee

Nieuwe diabetesmedicatie en het voorschrijfbeleid van huisartsen

"Arts zuinig met nieuwe pillen" kopte het Nederlands Dagblad gisteren en de Volkskrant doet er nog een schepje bovenop met "Huisarts boycot dure diabetespil". Hierbij wordt verwezen naar de uitkomsten van een onderzoek door het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik (IVM). Wat vindt Diabetesvereniging Nederland (DVN) van het voorschrijfbeleid van huisartsen?

Nieuwe diabetesmedicatie en het voorschrijfbeleid van huisartsen

Wat is er aan de hand?

Huisartsen schrijven nieuwe diabetesmedicijnen maar in weinig gevallen voor. Zij baseren zich daarbij op de Behandelstandaard van hun wetenschappelijke beroepsvereniging, het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG). Deze NHG-standaard Diabetes Mellitus type 2 adviseert huisartsen welke medicatie de voorkeur heeft bij de behandeling van mensen met diabetes type 2.

De nieuwe en veel duurdere diabetesmedicatie heeft volgens een deel van de huisartsen niet of nauwelijks voordelen boven de medicatie die al langer verkrijgbaar is. Dit standpunt leidt steeds vaker tot een conflict met internisten. Internisten krijgen patiënten doorgestuurd vanuit de huisartspraktijk, bij wie de behandeling niet goed verloopt. Veel internisten willen dan gebruik kunnen maken van de nieuwe medicatie, om deze mensen goed geregeld te krijgen. Maar deze nieuwe middelen worden vaak niet vergoed.

Wat vindt DVN?

Diabetesvereniging Nederland staat op het standpunt dat voorschrijven van medicatie volgens de NHG-standaard, voor verreweg de meeste mensen met diabetes type 2 goed uitpakt. Daarom is het goed dat huisartsen deze standaard volgen. In de standaard is echter ook ruimte om uit te wijken naar de nieuwere medicatie, als men met de oudere, goedkopere medicatie niet uitkomt. DVN vindt het belangrijk dat die mogelijkheid voor zorg-op-maat bestaat. Patiënten moeten het middel krijgen waarop zij goed reageren, en waarvan zij zo min mogelijk hinder ervaren. Als dat met een goedkoper middel niet lukt, dan moet uitgeweken kunnen worden naar een nieuwer middel, of dat nou duurder is of niet.

DVN vindt dat er meer onderzoek moet komen naar de waarde van nieuwe middelen in de dagelijkse praktijk. Op die manier wordt duidelijk voor wie, en in welke situatie een duurder middel voordelen biedt, die het prijsverschil rechtvaardigen. Onderzoek dat is uitgevoerd door de farmaceutische industrie, heeft plaatsgevonden onder strikte regels en bij patiënten die aan vooraf bepaalde criteria voldoen. Vaak zijn dit nog redelijk jonge patiënten, zonder andere gezondheidsproblemen. Zodoende is maar weinig bekend over de effecten van de nieuwe middelen bij mensen met diabetes die niet aan de onderzoekscriteria voldoen.

Wat doet DVN?

DVN neemt al geruime tijd deel aan zogenaamde Ronde Tafelbijeenkomsten, waar diverse partijen samen bekijken welke mogelijkheden er zijn voor onderzoek met nieuwe middelen in de dagelijkse praktijk. Met als doel meer inzicht te krijgen in welke nieuwe middelen meerwaarde hebben voor welke patiënten, waarna deze ook voor vergoeding in aanmerking kunnen komen.

Naast DVN zitten de volgende partijen aan de Ronde Tafel om dit te realiseren:

  • Ministerie van VWS
  • Zorginstituut Nederland, zij adviseren de minister van VWS welke geneesmiddelen onder welke voorwaarden uit de basisverzekering vergoed worden.
  • Nederlandse Diabetes Federatie (NDF)
  • Nederlands Internistenvereniging (NIV)
  • Zorgverzekeraars Nederland (ZN), de koepelorganisatie van zorgverzekeraars
  • Diabetes Huisartsen Adviesgroep (Dihag), de organisatie van huisartsen gespecialiseerd in diabetes
  • Farmaceuten van diabetesmedicatie

 

Lees meer

“Nederland bespaart 335 miljoen door terughoudendheid in voorschrijven van nieuwe diabetesmedicatie” (HN, 4 aug 2016)
“Huisarts boycot dure diabetespil, farmaceuten lopen geld mis”  (VK, 4 aug 2016)
“Huisarts zuinig met nieuwe pillen” (ND, 4 aug 2016)
“Huisarts schrijft nieuwe diabetespil nauwelijks voor” (AD, 4 aug 2016)

Terug naar het overzicht

Met anderen praten over hulpmiddelenwant diabetes heb je niet alleen