Word lid en maak het verschil
Word lid
Prikangst en diabetes

Prikangst en diabetes

Heb je diabetes, dan hoort prikken vaak bij je dagelijkse leven. Je meet je glucosewaarden met een vingerprik, brengt een glucosesensor aan of je spuit insuline met een pen of pomp. Voor veel mensen is dat een gewoonte....

    Heb je diabetes, dan hoort prikken vaak bij je dagelijkse leven. Je meet je glucosewaarden met een vingerprik, brengt een glucosesensor aan of je spuit insuline met een pen of pomp. Voor veel mensen is dat een gewoonte. Voor anderen kan prikken spannend of zelfs eng zijn. Dit noemen we prikangst of naaldenfobie. Prikangst kan zorgen voor stress, uitstelgedrag of zelfs het vermijden van prikken. Dat kan gevolgen hebben voor je gezondheid, omdat je je glucosewaarden minder goed in de gaten houdt of je medicatie niet op tijd toedient.

    Wat is prikangst?

    Prikangst betekent dat je bang bent voor het prikken zelf, of voor de pijn die je denkt dat je gaat voelen. Het kan gaan om:

    • insuline toedienen via een prikpen;
    • het controleren van je glucosewaarden met een vingerprik;
    • het vervangen van een sensor of infuussetje.

    Sommige mensen hebben vooral moeite met het idee van de naald. Anderen voelen spanning door eerdere negatieve ervaringen. En soms speelt ook schaamte een rol: prikken in het openbaar kan ongemakkelijk voelen.

    Hoe vaak komt prikangst voor bij diabetes?

    Prikangst komt best veel voor. Uit wetenschappelijke literatuur komt naar voren dat 10 tot 45% van de volwassenen bang is voor prikken. Ook mensen met diabetes hebben hier in meer of mindere mate last van.1,2,3 Ook bij kinderen komt het vaak voor.4 Soms is de angst tijdelijk, bijvoorbeeld in de periode dat je net de diagnose hebt gekregen of wanneer je begint met insuline spuiten. Bij sommige mensen blijft de angst jarenlang bestaan.

    Steun ons met een regelmatige gift

    Jong en oud met diabetes steunen? Help met een regelmatige gift. Met jouw hulp komen we op voor alle mensen met diabetes.

    Dochter bij vader op schoot. Vader leest voor.

    Waar komt prikangst vandaan?

    Prikangst kan verschillende oorzaken hebben. Vaak spelen meerdere dingen tegelijk mee.

    • Angst voor pijn: je denkt dat prikken veel pijn gaat doen.
    • Angst voor je glucosewaarde: je bent bijvoorbeeld bang voor commentaar van anderen of hebt gevoel van falen als de bloedglucosewaarde bij een meting buiten je streefwaarden ligt.
    • Slechte ervaring: bijvoorbeeld een keer een pijnlijke prik of bloeding.
    • Onzekerheid: je bent bang dat je iets verkeerd doet of dat de naald breekt.
    • Controleverlies: het idee dat je jezelf pijn moet doen kan onprettig voelen.
    • Algemene angst voor naalden of bloed: sommige mensen hebben dit los van diabetes.

    Gevolgen van prikangst

    Prikangst kan je dagelijks leven behoorlijk beïnvloeden. Het kan zorgen voor:

    • uitstelgedrag: je prikt later of minder vaak dan nodig;
    • verhoogde stress of spanning rondom eten of slapen;
    • hogere bloedglucosewaarden, omdat je minder meet of insuline laat spuit1;
    • Lagere bloedglucosewaarden, omdat je bijvoorbeeld te laat spuit na de maaltijd;
    • gevoelens van falen of schaamte.

    Belangrijk om te weten: je bent niet de enige. En er is veel dat je kunt doen om de angst kleiner te maken.

    Prikangst kan ervoor zorgen dat kinderen en volwassenen met diabetes hun (zelf)zorgtaken uitstellen of zelfs helemaal niet uitvoeren.
    Marieke Koornneef, diabetesverpleegkundige

    Hoe kom je van je angst voor prikken af?

    Of je ooit helemaal van je prikangst afkomt is voor iedereen verschillend. De volgende tips kunnen in elk geval helpen om prikangst te verminderen.

    1. Praat erover

    Vertel je zorgverlener, partner of iemand anders die je vertrouwt dat je prikangst hebt. Vaak lucht het op om er woorden aan te geven. Samen kun je oplossingen zoeken.

    2. Bouw het rustig op

    Soms helpt het om stap voor stap te oefenen. Begin bijvoorbeeld met het klaarleggen van de pen of meter, zonder te prikken. Daarna kun je oefenen met de beweging, en pas later daadwerkelijk prikken.

    3. Zorg voor afleiding

    Luister muziek, kijk tv of praat met iemand tijdens het prikken. Je aandacht gaat dan minder naar de naald. Ook ademhalingsoefeningen kunnen helpen om rustiger te worden.

    4. Gebruik hulpmiddelen

    Er bestaan hulpmiddelen die prikken minder pijnlijk maken, zoals speciale naaldjes of apparaatjes die het prikken vergemakkelijken. Je zorgverlener kan je hierover adviseren.

    5. Wissel van plek

    Altijd op dezelfde plek prikken kan extra gevoelig worden. Door goed te roteren kun je pijn en spanning verminderen.

    6. Beloon jezelf

    Geef jezelf een compliment of kleine beloning na het prikken. Zo koppel je de handeling aan iets positiefs.

    7. Professionele hulp

    Blijft de prikangst groot, dan kan psychologische begeleiding zinvol zijn. Denk aan cognitieve gedragstherapie, EMDR of ontspanningstechnieken. Je (huis)arts kan je doorverwijzen.

    Prikangst bij kinderen

    Bij kinderen met diabetes kan prikangst extra lastig zijn. Het kan zorgen voor strijd of weigeren van prikken. Belangrijk is om kinderen serieus te nemen in hun angst. Tips:

    • Leg op een eenvoudige manier uit waarom prikken nodig is.
    • Maak het voorspelbaar: bijvoorbeeld altijd op een vast moment.
    • Laat je kind meebeslissen, zoals kiezen in welke vinger of been geprikt wordt.
    • Gebruik spel of afleiding: een filmpje, spelletje of knuffel kan spanning verminderen.
    • Vraag begeleiding van het kinderdiabetesteam.

    Hulpmiddelen die prikken kunnen vervangen

    Tegenwoordig zijn er steeds meer technologische hulpmiddelen die prikken minder vaak nodig maken. Denk aan:

    • Glucosesensoren: meten je glucosewaarden via een sensor
    • Insulinepompen: hiermee hoef je minder vaak een pen te gebruiken

    Let op: soms moet je nog steeds af en toe een vingerprik of setwissel doen. Maar het aantal prikmomenten kan wel flink verminderen, wat bij prikangst veel verlichting kan geven.

    Ontvang het magazine Diabc

    Word je graag wijzer over jouw diabetes? Lees je graag ervaringen van lotgenoten? Word lid en ontvang het blad 6x per jaar in de bus!

    Samen op zoek naar oplossingen

    Prikangst is vervelend, maar je hoeft er niet alleen mee rond te lopen. Praat met je diabetesverpleegkundige, huisarts of een psycholoog. Praten met andere mensen die prikangst hebben kan ook helpen. Zij herkennen vaak precies wat jij voelt en hebben misschien tips waar je zelf nog niet aan dacht.

    Bronnen

    1. Wibisono, A. H. et al. Fear of injections among people with type 2 diabetes: Overview of the problem. Journal of Diabetes Nursing. 2017; 21: 91-95
    2. Alwafi, H. Prevalence, factors associated and management of needle phobia among the general population in Saudi Arabia and Egypt. 2024; 363
    3. Hillson, R. Fear in diabetes. 2023; 40: 3-5.
    4. Cemeroglu, A.P. et al.  Fear of Needles in Children With Type 1 Diabetes Mellitus on Multiple Daily Injections and Continuous Subcutaneous Insulin Infusion. Endocrine Practice. 2015; 21: 46-53

    Artikelen uit ons Diabc-archief

    Deel artikel
    Word nú lid

    Voluit leven met diabetes. Dat is waar Diabetesvereniging Nederland voor staat. Samen zetten we ons in voor goede zorg en een beter leven voor alle mensen met diabetes.

    Word nú lid