Wat moet je weten over koolhydraten?

Koolhydraten voorzien je lichaam van energie. In je lichaam worden ze omgezet in glucose. Gevolg: je bloedglucosewaarde stijgt. Lees hier wat je moet weten over koolhydraten als je diabetes hebt.

Koolhydraten is de verzamelnaam voor suikers en zetmeel. Ze zitten bijvoorbeeld in:

  • melkproducten, zoals melk, karnemelk en yoghurt
  • fruit en sappen (vruchtensuiker) 
  • snoep, koek, gebak en drankjes (suiker) 
  • brood, aardappelen, rijst en deegwaren (zetmeel)

Word lid

Krijg persoonlijk advies en hulp om voluit te leven met je diabetes.

Weet hoeveel je eet

De koolhydraten die binnenkrijgt, moeten in evenwicht zijn met de hoeveelheid insuline in je lichaam. Zo houd je je bloedglucosewaarde stabiel. Het is dus belangrijk dat je weet hoeveel koolhydraten in voedingsmiddelen zitten, hoeveel je ervan moet eten en wanneer.

Koolhydraten tellen is in het begin een hele klus. Maar je zult steeds beter weten wat een bepaald voedingsmiddel met je bloedglucosewaarde doet. De diëtiste en koolhydratenlijsten kunnen hierbij helpen. Ook zijn er handige apps, zoals De Koolhydraatkenner, waarmee je de hoeveelheid koolhydraten per portie, zoals een pistolet, kunt opzoeken.

Verschillende soorten koolhydraten?

Snel of langzaam

Er zijn snelle en langzame koolhydraten. Sommige koolhydraten (bijvoorbeeld glucose of druivensuiker) zorgen voor een snellere stijging van de bloedglucosewaarde dan andere (bijvoorbeeld fructose). De snelheid waarmee koolhydraten de bloedglucosewaarde doen stijgen, heet de glycemische index.

Vezelrijk

Vezels zorgen ervoor dat de bloedglucose minder snel stijgt en geven een vol gevoel. Dat laatste kan helpen als je op je gewicht wilt letten. Vezels helpen om hart- en vaatziekten te voorkomen en zorgen voor een goede stoelgang. In groenten, fruit, aardappelen, volkorenbrood, volkorengranen, zilvervliesrijst, ontbijtgranen en peulvruchten zitten veel vezels. Suiker bevat geen vezels. Kies daarom vezelrijke producten waar geen suiker aan is toegevoegd.

Tips over aardappels

Aardappelen veroorzaken een snellere stijging van de bloedglucosewaarde dan bijvoorbeeld zilvervliesrijst, volkorenbulgur en peulvruchten. Eet daarom niet te vaak aardappelen en neem een kleine portie. Tip: kook (biologische) aardappelen eens in de schil, dat vertraagt de afgifte van de koolhydraten. De aardappelen eerst koken, laten afkoelen en vervolgens verwerken in een salade, levert ook een lagere glycemische index op.


Weten hoeveel koolhydraten ergens inzitten? Gebruik een handige app, zoals De Koolhydraatkenner


Hoeveel koolhydraten moet je eten?

Hoeveel koolhydraten je moet eten, hangt af van je eetpatroon en je energieverbruik. Stel, je eet vijf boterhammen, een flinke avondmaaltijd en een paar tussendoortjes zoals fruit of een biscuitje en zuivel. Dat is al snel 160-180 gram koolhydraten per dag. Eet je minder brood, maar bijvoorbeeld yoghurt met ongezoete muesli, en ook ‘s avonds minder koolhydraten, dan kun je al 100 gram koolhydraten beperken. Het weglaten van suiker uit dranken (koffie, thee, frisdrank) scheelt per dag al snel 50 gram koolhydraten.

Koolhydraatbeperkt eten

Er wordt vaak over koolhydraatbeperkte voeding gesproken als hét advies bij diabetes type 2. Sommige mensen bereiken hiermee betere bloedglucosewaarden en verlagen hun gewicht. Maar zo’n voedingspatroon is niet voor iedereen vol te houden. Bovendien heeft het niet bij iedereen hetzelfde effect (afvallen, minder medicatie).

Eet je extreem koolhydraatarm (minder dan 45 gram koolhydraten per dag) dan gaat het lichaam over op alternatieve vetverbranding. Hierbij ontstaan ketonen (bijvoorbeeld aceton), die dienen als brandstof voor de hersenen bij gebrek aan glucose. Dit is gevaarlijk, omdat bij diabetes ook ketonen kunnen ontstaan door te weinig insuline. Het wordt dan lastig om de oorzaak te kunnen aanwijzen. Eet daarom niet te weinig koolhydraten. Stem je insuline goed op de koolhydraten af en zorg voor acceptabele bloedglucosewaarden, zodat je ketonvorming voorkomt.

Volgens de NDF Voedingsrichtlijn voor mensen met diabetes is de kwaliteit (de soort) van koolhydraten belangrijker dan de kwantiteit (de hoeveelheid). Je kiest bijvoorbeeld wel voor volkorengranen en niet voor wit brood. Daardoor zit je sneller vol en eet je minder. Als je let op de kwaliteit, beperk je dus al een deel van de hoeveelheid koolhydraten.

Hoe verdeel je koolhydraten over de dag?

Per dag drie kleine hoofdmaaltijden en drie kleine tussenmaaltijden is een prima richtlijn. Dat geeft een goede verdeling van koolhydraten over de dag.

Gebruik je mix-insulines? Dan is een min of meer vaste verdeling van koolhydraten over de dag nodig. De langwerkende insuline in de mix-insulines werkt namelijk de hele dag door. Je moet dus wel tijdig en de juiste hoeveelheid eten, anders gaat het mis. Wie ultra-kortwerkende insuline (in combinatie met langwerkende) of een insulinepomp gebruikt, heeft meer vrijheid.

Als je koolhydraatbeperkt wilt eten, zal altijd aanpassing van de hoeveelheid insuline nodig zijn. Overleg daarom vooraf met je arts of diabetesverpleegkundige en zonodig diëtist over de benodigde aanpassingen in medicijnen en voeding.

Ontvang magazine Diabc

Ontvang magazine Diabc

Word je graag wijzer over jouw diabetes? Word lid en ontvang het blad 8x per jaar in de bus!

Lees ook

Voedingsrichtlijn

Voedingsrichtlijn

Wat is gezonde voeding? Waar moet je rekening mee houden?

Je eetpatroon wijzigen

Je eetpatroon wijzigen

Hoe pak je het aanpassen van je eetpatroon aan?

Hoe zit het met vetten?

Hoe zit het met vetten?

Waar moet je op letten als je vetten eet?

Met anderen praten over diabetes want diabetes heb je niet alleen